Ranavirus mogelijke oorzaak dode kikkers Boomkroonpad

Bij het Boomkroonpad zijn dode kikkers gevonden. Ook in een poel bij Ees was dit onlangs het geval. Staatsbosbeheer meldt dat deze dieren mogelijk slachtoffer zijn van het ranavirus.

Wat is het ranavirus?

Er zijn verschillende soorten virussen die worden aangeduid met de algemene term ‘ranavirus’. Het gaat om virussen die voorkomen bij amfibieën, vissen en reptielen. Ze zijn nooit in verband gebracht met ziekten bij de mens. Ranavirus, in Nederland gaat het om CMTV (Common Midwife Toad Virus), is vermoedelijk gevaarlijk voor alle amfibieen in Nederland. Het is gevonden op groene kikkers, bruine kikker, gewone pad, knoflookpad, kamsalamander en kleine watersalamander. Bekend is dat ook vuursalamander, vroedmeesterpad en alpensalamander gevoelig zijn. Ranavirus kan grote sterfte in korte tijd veroorzaken. Uitbraken zijn in Nederland bekend vanaf 2010. Toen zijn bij het bezoekerscentrum Dwingelerveld duizenden dode kikkers gevonden. Sterfte door ranavirus treedt vooral op tijdens de zomermaanden.

Ranavirus wordt overgedragen door contact tussen dieren, via het water waarin zij verblijven en door het consumeren van besmette al dan niet dode dieren. Mensen kunnen het virus overdragen door transport van water en modder aan bijvoorbeeld schoeisel. We willen eventuele constatering en verspreiding van het virus in onze gemeente graag voorkomen.

Amfibieën hebben het tegenwoordig moeilijk, de aantallen zijn door allerlei oorzaken sterk achteruit gegaan. Het is daarom belangrijk om sterfte door het ranavirus door menselijke overdracht te voorkomen. Dat kan door uit de buurt van water te blijven waarin genoemde diersoorten verblijven, geen kikkers, salamanders, padden of hun larven (kikkervisjes / donderkopjes) te vangen en elders vrij te laten, bijvoorbeeld in de tuinvijver.  

Iets gezien of iets te melden?

Ziet u onverklaarbare ziekte en sterfte bij wilde amfibieën, reptielen of vissen, dan kunt u dit melden bij RAVON (ziektes@ravon.nl, 024-7410600) en contact op nemen met DWHC zodat de oorzaak onderzocht kan worden (030-2537925, dwhc@uu.nl