Advies re-integratieverordening
Aan het College van Burgemeester en Wethouders
Postbus 93
9460 AB Gieten.
Datum: 12 augustus 2024
Uw kenmerk: 2024-008275
Uw contactpersoon: H. Wilts
Onderwerp: Advies van de Adviesraad Sociaal Domein met betrekking tot concept re-integratieverordening gemeente Aa en Hunze
Geachte leden van het college,
Op 27 mei 2024 heeft u de Adviesraad Sociaal Domein (ASD) verzocht advies uit te brengen over de concept re-integratieverordening gemeente Aa en Hunze 2024.
Met deze brief bieden wij u ons advies aan.
De ASD heeft waardering voor uw streven om in de verordening minder vakjargon te gebruiken en meer aan te sluiten bij de spreektaal van inwoners.
Wij constateren dat deze wijziging niet consequent wordt gehanteerd.
U kiest voor het woord ‘gemeente’ in plaats van het formele woord ‘college’.
Desondanks treffen wij in de verordening en toelichting regelmatig het woord ‘college’ aan.
In art. 5, lid 4 staat dat het bij een werkervaringsplaats gaat om werken met behoud van uitkering.
De ASD is van mening dat werken met behoud van uitkering in principe een ongewenste situatie is.
Wij begrijpen dat er soms wellicht geen andere mogelijkheid is.
Wij adviseren echter wel om de periode dat een inwoner met behoud van uitkering werkt altijd zo kort mogelijk te laten duren.
In art. 6, lid 4 staat: ‘De inwoner kan na iedere 6 maanden een premie van € 100 ontvangen’ (indien deze voldoende heeft meegewerkt aan het vergroten van zijn kans op betaald werk).
In de toelichting staat bij art. 6: ‘De gemeenteraad bepaalt de hoogte van de premie en stelt deze volgens de verordening vast op € 800 per 6 maanden’. Wat is het juiste bedrag van de premie?
In art. 16, lid 1 staat: ‘De gemeente kan een vervoersvoorziening aanbieden aan een inwoner die door zijn beperking niet zelfstandig naar de werkplek, proefplaats of opleidingslocatie kan reizen’.
Valt onder ‘werkplek’ ook de werkervaringsplaats, de participatieplaats en de beschutte werkplek?
In de toelichting staat op pagina 9 vermeld de intermediaire activiteit, als bedoeld in artikel 10, eerste lid van de Participatiewet. Deze intermediaire activiteit vinden wij niet terug in de verordening.
In de toelichting op artikel 17, handelend over de uitstroompremie, is het minimale aantal maanden/jaren dat de inwoner ononderbroken algemene bijstand heeft ontvangen, alsmede het minimale aantal maanden van de arbeidsovereenkomst waardoor de inwoner uitstroomt uit de uitkering, nog niet ingevuld.
Tot slot een paar algemene vragen:
• VNO-NCW heeft een aanjager laaggeletterdheid die ondersteuning kan bieden aan werkenden die laaggeletterd zijn. Maakt de gemeente in voorkomend geval gebruik van deze dienstverlening voor inwoners die volgens de re-integratieverordening aan het werk zijn?
• Voor inwoners die praktisch zijn opgeleid (praktijkonderwijs, BBL) bestaat de mogelijkheid om op basis van hun door ervaring verworven competenties (EVC) in aanmerking te komen voor een regulier diploma. Wijst de gemeente inwoners op deze mogelijkheid? En biedt de gemeente, zo nodig, begeleiding aan inwoners die hiervoor in aanmerking kunnen komen?
• U schrijft dat er een nieuwe re-integratieverordening moet komen als gevolg van verplichtingen voor de gemeente vanuit de Participatiewet. Wij vragen ons af of er ook een samenhang bestaat tussen de re-integratieverordening en het nieuwe beleidskader inkomen, ontwikkeling en werk 2025-2028. Zo ja, welke?
De ASD geeft hiermee een positief advies over de concept re-integratieverordening gemeente Aa en Hunze 2024.
Met vriendelijke groet,
Namens de Adviesraad Sociaal Domein
M. Krijnsen H. Koster
Voorzitter secretaris