Van het eind naar het begin
een wandeling - een ervaring
van tijd die oplost in klanken
in bewegingen
in bomen die aanschouwen
die getuige zijn
zoals wij met open ogen
weg vinden van het begin naar het einde
langs de waterweg langs de zachte weg
samenvloeien samengaan
zonder einde of begin
maar toch een aanvang:
trappelende popelende mensen
om op pad te gaan
-zwaan kleef aan-
de paden op de lanen in
wat staat ons te wachten
wat wacht ons op
nu
eerst
gerikketik op het tentdak
groepsgewijs vangt de wandeling aan
met laarzen stevige stappers
-zwaan kleef aan-
in de verte reeds een roep
bij nadering wordt ons een veer toegestoken
waarschuwingen klinken
"WEEST OP UW HOEDE"
"WEEST ALERT"
een zwaan schicht ons voorbij
.............................
we hebben het nakijken
en dan
blaast het ons tot leven
we staan stil en staren
we weten niet
we horen muziek opengaan
we wachten
de muziek danst ons
we weten niet
we wachten
-zwaan kleef aan-
jawel noten worden
gekraakt middels klanken
hier in dit bos
dit Zwanemeer
wat wacht ons
we weten het niet
"WEEST ALERT
WAAKZAAM EN OP UW HOEDE"
kleine zwanen zitten
grote zwaan waakt
staat op en vertelt
van het bal
Siegfried is zoek
Siegfried heeft geen zin in het bal
Siegfried gaat op zoek naar het Zwanemeer
"WEEST WAAKZAAM"
muziek blijft klinken
om ons heen
ons tegemoet
vol alerte moed
gaan we voort
het verhaal danst zich open
danst zich naar ons toe
danst een glimlach
ook deze woorden binnen
danst en danst
op naar weer nieuwe klanken
die uit het bos gestreken
onze oren strelen
het verhaal tovert zich er doorheen
er wordt geplukt en gevangen
ter aarde geworpen;
de prins duikt op
een volkslied klinkt
een kikker springt in beeld
aanschouwt is waakzaam
zet de tijd
eigenwijs
vooruit
de prins weet van geen kwaad
spreekt plotsklaps kikkerklanken
zet de tijd
eigenhandig
vooruit
een steigerend stalen ros
brengt ze naar het bos
(vertel het eigen verhaal
onophoudelijk
heb weet
van liefde)
toetsenklanken dansen ons
weerom in het verhaal
dat hier ten toon
dat hier waterrijk
dat ons tegemoet
dat stilaan
dat zwijgzaam
dat aangenaam
-zwaan kleef aan-
het eind het begin
- Egbert Hovenkamp II-